Partizanen en patriotten. Afghanistan, en de wonderlijke Drievoudigheid van oorlog, volgens Carl von Clausewitz

 

 

‘ Bijzonder, dat iemand die zo uitgebreid en diepgravend over oorlog nadenkt en lijvig schrijft, een naam draagt die eindigt op Witz. Clausewitz. Oorlog is blijkbaar zo’n zwaar en serieus onderwerp dat zo’n naam gewoon een sine qua non is. Goed, alle Witze en Clausen op een stokje, Spass beiseite. De nooit-eindigende-oorlog in Afghanistan, vanaf the Great Game, of nog eerder indien je de tochten van de avonturier uit Macedonië er bij optelt. Daar ging het over. Toch? Via de column van Marijn Kruk, over een  biografie van Snouck Hurgronje.’

–        ‘ Correct. Een slimme titel trouwens van Strachan: the DIRECTION of war, vanwege de meerduidigheid van dat direction. Zijn hele betoog is trouwens zeer lezenswaard, vind ik. Dus.
Zouden de Nederlandse generaals die de Acheh-/Atjeh-oorlog (1873-1914) leidden, Vom Kriege (1832) verplicht hebben moeten bestuderen tijdens hun opleiding tot generaal?’

‘ Goeie vraag. Maar al zóuden ze het vertoog hebben bestudeerd, wie zegt dat ze daar de juiste dingen uit zouden hebben gehaald, gedestilleerd. Hoewel, als het over militairen gaat, is gedistilleerd meer ad rem, vermoed ik.
Te oordelen naar de wijze waarop ze de Acheh-oorlog voerden, zou het al dan niet lezen van Clausewitz geen fluit hebben uitgemaakt. Een van mijn grootvaders heeft nog in die Aceh oorlog meegevochten – met ene meneer Hendrik Colijn trouwens. Ik gebruik het woord “oorlog” hier vanwege het gemak, want je kunt er riemen papier aan spanderen, aan de vraag of het een oorlog genoemd kan worden, oorlog in de conventionele zin des woords bedoel ik.

Jammer dat die ene brief die hij aan mijn grootmoeder schreef niet bewaard is gebleven. Daarin beweerde mijn opa dat de vaandrig Colijn ongetwijfeld een uitnemend houtvester zou zijn, omdat hij bij het eerste schot dan de vijand loste, feilloos den diksten boom uitzocht voor dekking. Dit is familie-overlevering, dus apocrief.’

–        ‘ Colijn heeft naderhand zijn fortuin in de petroleum gemaakt, meen ik? In ieder geval ging de gup de politiek in. Maarre, eh, volgens Strachan (bladzijde 46-47) heeft generaal Colin Powell, als kolonel, pas in 1975 Clausewitz’s  On War weliswaar gretig gelezen (dus ná zijn West Point opleiding) en als een openbaring ervaren, maar niet helemaal begrepen.
Strachan: “ Powell was not the only America soldier to misinterpret Clausewitz ‘trinity’ (die wunderliche Dreifaltigkeit). In 1982 Colonel Harry Summers wrote one of the most influential explanations for the United States’s failure in Vietnam. Called On Strategy, it too used Clausewitz to say that that war consisten of the people, the army and the government. Summers saw the Vietnam War as an inter-state struggle in which the enemy was Nort Vietnam …… Summers had used Clausewitz to explain how the United States had failed strategically, but he also rejected counter-insurgency warfare and encouraged the American army in its determination to refocus on conventional combat.’

‘ West Point? Powell heeft volgens mij nooit op West Point gezeten. Hij was een zij-instromer, als ik Wikipedia tenminste correct lees. En hier: “ …… Reserve Officers Training Corps unit at City College where, in 1958, he was commissioned a second lieutenant, the same rank the 895 cadets attained today.” Powell is dus geen West Pointer. Daarom waarschijnlijk ook dat hij naderhand werd geframed door de schurken Bush, Cheney en Blair, die wisten dat Sadam geen chemische wapens had, maar het Powell toch in de media lieten liegen. Powell hoorde niet tot the old boys club. Zoals Bush jr. en Bill Clinton, die hun Viet Nam tour konden ontduiken door zich met behulp van hun netwerken te drukken.

Dit terzijde. Alles bij elkaar vind ik het spannend en bizar tegelijk, want hoe zit dat dan bijvoorbeeld met Carl Schmitt en zijn Theorie des Partisanen? Dát zullen ze op de militaire academies toch zeker bestuderen? Vooral nú! Vast wel, mag ik tenminste hopen. Colin Powell, die pas ná zijn formele militaire opleiding en tours of duty in Viet Nam Vom Kriege leest, en dan nog verkeerd begrijpt ook! En volgens Strachan zou Powell niet de enige Amerikaanse hoge militair zijn. Mijn hemel!

Hier, moet je luisteren, over guerilla, ik lees nota bene op Wikipedia:  “‘Die Erd- und Heimat­verbundenheit des Partisanen soll in dem Kennzeichen des tellurischen Charakters zum Ausdruck kommen, den Schmitt als notwendig erachtet, um die prinzipiell defensive Haltung des Partisanen zu begründen, d. h. die Begrenzung seiner Feindschaft, welche ihn vom exportierbaren Terroristen unterscheidet.”

Partizanen zijn dus op de eerste plaats patriotten. Ik ben geen beroepsmilitair noch een carrière-politicus, maar als ik denk aan Afghanen (bestaan die, of zijn het net Belgen die ook niet bestaan – “.. alleen Vlamingen en Walen bestaan, sire”) en ik denk bijvoorbeeld aan de bemanningen van de vliegtuigen van 9/11, dan meen ik dat die werden bestuurd door Egyptenaren en Saudi’s, er zat geen Afghaan tussen. Zelfs Osama was een Saudi en geen Afghaan. Dus hoezo terrorisme in Afghanistan bestrijden?’

–        ‘ Dat klopt. Het meest-gebruikte frame is dat Afghanistan dient als uitvalsbasis en trainingsplek voor terroristen. In werkelijkheid gaat het volgens mij om de geografische ligging en de rijkdom aan delfstoffen (waaronder diamanten) van de negorij. In Aceh ging het om de specerijen, vooral peper. Het is altijd hetzelfde liedje: het gaat om de centen, maar het wordt ons verkocht als een beschavingsmissie.’

‘ Afghanen verbouwen tegenwoordig veel papaver en dat is eveneens een zeer lucratief verdienmodel.

Let wel: niet alleen voor Afghaanse, Zuid-Amerikaanse en Birmaanse maffiose organisaties, maar ook voor westerse/Europese (geheime) diensten die zijn opgetuigd om de drugshandel te bestrijden. Het begint er bijna altijd mee dat dergelijke schimmige entiteiten, die anonniem en meestentijds onder de radar werken, een deel van de opbrengsten van de in beslaggenomen contrabande gebruiken ter financiering van de bestrijding ervan (het gaat tenslotte om gigantische bedragen, die alleen maar groter worden), maar ….. allengs hebben dergelijke constructies de neiging tot grensvervaging (wat is legaal en geoorloofd en wat is illegaal en corrupt?) en zich te vervlechten. De zognaamde Teevendeal is daar volgens mij een mooi voorbeeld van. Aan die zaak zitten vast nog vele losse eindjes en hoogstwaarschijnlijk is alleen het topje van de ijsberg heel even boven water verschenen. De rest zit diep in de grote doofpot.

Kom me dus niet aan met verheven geronk en gewauwel over democratie, vrouwenemancipatie en andere drogredenen die door politici als beuzelbagger worden opgeklopt om zo’n gewapende interventie te rechtvaardigen. Dat wil niet zeggen dat ik vrouwenrechten en democratie (hoewel: ik weet allengs niet meer wat dat precies is: democratie) niet belangrijk en behartenswaardig vind, maar alleen wanneer daar serieus en te goeder trouw werk van wordt gemaakt.’

–        ‘ Zullen we het vandaag hier maar bij laten?’

‘ Mij best. Ik zet er nog twee citaten bij. Een van Theodoor Juynboll, een leerling van Snouck, en een van Pim Fortuyn.

O ja, en voor een beetje historisch overzicht, een een link naar het Wikipedia-lemma over The Great Game.’

 

Afghanistan: the Great Game (Part I)     Jun 1, 2012

Afghanistan the Great Game (Part II)     Apr 16, 2019

Behind The Taliban Mask: The Other Side Of Afghanistan’s Front-line (2010)    Feb 25, 2014