Voor grensoverschrijdend gedrag, moet je niet bij de kosmopolieten wezen

 

 

 

‘ Heb jij die lamp in de badkamer bij mw. en meneer H ***** dit weekend nog verwisseld. Ik heb ze verboden het zelf te doen, want als 78-jarigen, boven hun macht werkend, staan te wiebelen op een trapleer, dat is levensgevaarlijk. Ze hebben reservelampen in huis, maar in het verzorgingscomplex is er in het weekend niemand die zoiets kan fixen. Dat is buiten het weekend trouwens ook zo, want er moet kosten-effectief worden gewerkt. De receptie is maar een paar uur per dag bemenst, en daar zit dan meestal iemand die het Nederlands nauwelijks meester is. Het zijn vaak klusjes van een fluitje van een cent, maar de gevolgen kunnen gigantisch zijn. Afgezien van het menselijke leed.’

  • ‘ Typisch voor deze neoliberale bureaucratie. Als deze oude mensen vallen en ze belanden in het ziekenhuis, is de maatschappij het veelvoud aan zorgkosten kwijt, meer dan een huismeester (desnoods op afroep) ooit aan salaris zou kosten. Maar ja, dat is dan een ander potje. Zo werkt het. De lamp is vervangen, en er zijn nog twee van dergelijke klusjes bij mw. F *** en de fam. Y * * * *. Die doen we over een paar dagen. In het donker in de badkamer scharrelen, dat kan niet, dus dit was een urgentieklus. Ze waren met kaarsen in de weer gegaan. Moet je nagaan! Levensgevaarlijk!
    Nu naar de kosmopolieten.’

‘ Goed.
Meneer Hans Vijlbrief werkt voor het merk D66, maar het grensoverschrijdend gedrag in Groningen, bij de gaswinning, schijnt vooral door zzp’ers en interimmanagers van het merk VVD (bijvoorbeeld Henk Kamp en Eric Wiebes) te zijn begaan.’

  • ‘ O, op die manier. Logisch dat meneer Vijlbrief geen discussie wil over grensoverschrijdend gedrag van VVD’ers. D66 en VVD doen nu immers samen in een neoliberale collaboratie-coalitie, en de VVD heeft het voor het zeggen. Dus.’

‘ Maar de leden dan?’

  • ‘ Mwa, sinds wanneer heeft het voetvolk iets bij de nomenklatoera in te brengen?’

‘ “Grensoverschrijdend,” dat past toch helemaal bij de kosmopolieten van het merk D66? Die overschrijden (ze vliegen tegenwoordig vooral) voortdurend grenzen, omdat er voor hen geen grenzen bestaan. D66-gers zijn echte wereldburgers. Als je veelvuldig grenzen overvliegt – zoals ene meneer Rob Jetten – dan word je bij D66 snel en vanzelfsprekend minister.’

  • ‘ Zou de D66-meneer Jan Paternotte snel en vanzelfsprekend minister worden denk jij? Hij zit zo kinderachtig te zeuren en te zuigen over een vriendschapsspeldje dat Geert Wilders (merk PVV) van Vladimir Putin zou hebben gekregen. Je zou zeggen dat Wilders werkt aan Europese banden, en grenzenoverschrijdend gedrag met Rusland bepleit – hetgeen mij niet onprofijtelijk lijkt, gezien de situatie met de Oekraïne, en zo. Meneer Paternotte van het kosmopolitische merk D66, zou meneer Wilders juist als voorbeeldig grensoverschrijder moeten loven en prijzen.’

‘ Jôh, Rusland en de Oekraïne, dat is Grote Geopolitiek, da’s een paar maatjes te groot voor Haagse hampelmannetjes. In de Oekraïne spelen de VS (die voeren er een proxy-oorlog tegen Rusland) en China (die steunen Rusland indirect) de hoofdrol. Daar hebben Haagse Kaasstolpertjes helemaal niets en niemendal te zoeken. Meneer Rutte mag af en toe wat roepen, om te laten zien dat hij tot “de ingewijden” behoort en meetelt. Meestal wordt ‘ie afgescheept met verschaalde informatie. Ook de NATO is enkel instrumenteel in de weer. Druk, druk, druk, met veel kostbare schijnbewegingen ten bate van de beeldvorming.

Bovendien heeft meneer Wilders meneer Jetten op bovenmatig grensoverschrijdend vlieggedrag aangesproken, dus heeft Jan Paternotte van het D66-management marsorders meegekregen om waar mogelijk meneer Wilders af te katten. Dat pakt helaas voor D66 meestal averechts uit.’

  • ‘ Wat is politicus zijn toch een apart beroep, vind je niet? Misschien moet ik Max Weber er nog maar eens op naslaan.’

‘ De prollenkrant (NRC) is best wel een redelijk krant, die de censuur tamelijk succesvol omzeilt. Het systeem van kopjes-met-een-fotootje-erbij (vignetjes) werkt stimulerend op het creatieve vermogen van de lezer. Door combi’s – vaak staan de vignetjes al naast of bij elkaar – te maken, kan de lezer zijn eigen nieuws samenstellen, informatie bij elkaar sprokkelen en aan elkaar plakken. Mijn pupillen beginnen er aardigheid aan te krijgen. Ze hoeven het achterliggende artikel meestal niet eens te lezen. Of het allemaal een beetje klopt, kunnen ze verifiëren door andere bronnen te extrapoleren en combineren. Het is vooral een kwestie van over eigen context (kennis dus) beschikken. Ook die vaardigheid krijgen ze aardig in de vingers. Bovendien ervaren ze hoe prettig en handig het is om over parate kennis te beschikken. Kennis opdoen, dat is in het onderwijs jammerlijk afgeschaft.’